VAN VUIL NAAR VEEG

'Als je ziet wat wij allemaal moeten kunnen en weten...'

ERWIN GING VAN VUILNIS- NAAR VEEGWAGEN

De 54-jarige Erwin Hoogenboom werkt al bijna twintig jaar voor Circulus-Berkel. Eerst op de vuilniswagen en sinds een jaar of veertien op de veegmachine. ‘Mensen onderschatten wel eens wat je moet kunnen om op een vuilnis- of veegwagen te rijden.’

Voordat Erwins carrière bij Circulus-Berkel begon, werkte hij in de buitendienst in de antennebouw. ‘Dat was eind jaren negentig’, vertelt Erwin. ‘Er moesten heel veel antennemasten gebouwd worden voor de destijds opkomende mobiele telefonie. Maar toen dat werk veranderde, ben ik bij Circulus-Berkel terechtgekomen. Ik heb het antennewerk in m’n begintijd op de vuilniswagen best gemist hoor. Een goeie ploeg, leuke collega’s en het was ontzettend mooi en divers werk. Altijd buiten en je kwam nog eens ergens, letterlijk. Van booreilanden tot industrieterreinen en van 3 meter onder de grond tot 200, 300 meter in de lucht. Het was net kermis.’

JUISTE PAPIEREN

‘Maar op een gegeven moment kies je gewoon voor thuis. Ik had al m’n rijbewijzen en papieren voor de functie als chauffeur/belader’, vertelt de geboren en getogen Deventenaar. ‘Ik kon gewoon instromen. Al was dat in het begin ook wel even wennen. De auto’s hadden allemaal het stuur rechts. Dus toen ik de eerste keer instapte, vroeg de chauffeur: goh, wil je bij mij op schoot zitten?’

‘Met drie man op de achterlader, de vuilniswagen, had je alle drie een combifunctie. Je wisselde af: chauffeuren en laden. Er moest destijds veel meer met de hand geladen worden. En er werd niet zo nauw gekeken naar de P90-norm, de maximale belasting van een vuilnisman.’

VAN VUIL NAAR VEEG

‘Later kwamen de zijladers, die zijdelings met een robotarm de bakken legen. In die tijd werd ik overgezet naar de veegmachine in Apeldoorn. Weer later werd ik weer teruggeplaatst naar de veegmachine in Deventer, wat ik nog steeds doe. Heel leuk, al moest ik het me wel eigen maken. Het was in het begin niet m’n eigen keuze. Maar sturen is sturen en met fijne collega’s die me het goed hebben geleerd, heb ik het me eigen gemaakt. Ik zie zeker de fun ervan in en heb er plezier in. Met leuke collega’s waar ik goed contact mee heb.’

BUITENRUIMTE

De Veegdienst in Deventer bestaat uit vijf mensen, met een paar invallers. De totale buitenruimte met prullenbakken erbij is een man of dertig á veertig, vertelt Erwin. Het is bij ons in Deventer verdeeld in grondstoffen en buitenruimte. Onder grondstoffen vallen de inzameling van huisvuilcontainers en aanverwante diensten, en onder de buitenruimte valt de veegdienst met aanverwante diensten. Het groenonderhoud van gemeenteperken en -bomen, wordt door een ander bedrijf gedaan. Maar dat is afhankelijk van de gemeente. In Deventer hebben we alleen reiniging en prullenbakken in de buitenruimte. Maar in de gemeente Lochem, die we met Circulus-Berkel ook bedienen, zit in de buitenruimte ook het groenonderhoud erbij.'

BIJNA HALF MILJOEN KLANTEN

Circulus-Berkel bedient de gemeenten Apeldoorn, Bronckhorst, Brummen, Deventer, Doesburg, Epe, Lochem, Voorst en Zutphen. ‘In totaal hebben we bijna 440.000 inwoners als klant. We werken daarin ook met collega’s met een afstand tot de arbeidsmarkt. In totaal werken er zo’n 322 mensen in vaste dienst en daarnaast ruim 414 activerings- en participatiemedewerkers. Dat zijn collega’s met een afstand tot de arbeidsmarkt. In totaal zo’n zevenhonderd mensen. De gemeentes zijn aandeelhouder in ons bedrijf.’

‘Alle afval verzamelen we op de locatie op het industrieterrein in Deventer’, legt Erwin de weg van het afval uit. ‘Van daaruit wordt het weer afgevoerd naar Apeldoorn of een andere locatie. Het wordt hier niet verbrand, het is alleen opslag.’

‘VOOR EEN GEMIDDELD VEEGMACHIENTJE, ZOALS MENSEN HET WEL EENS DENIGREREND NOEMEN, KUN JE EEN HUIS KOPEN’
'DOOR CORONA BEN IK WEL WAT INFORMATIE TEKORT GEKOMEN. NORMAAL OVERLEGGEN WE EENS PER ANDERHALVE MAAND. DAN ZIE JE ELKAAR EN KUN JE FORMEEL EN INFORMEEL BIJPRATEN'

DIENSTEN

‘Onze diensten voor de veegdienst zijn geroosterd. We werken in dagdienst. Sommige collega’s werken een keer in de drie weken in een weekvenster van zeven dagen. In de aansluitende week hebben we een compensatiedag. Andere collega’s hebben een keer in de drie weken in een weekvenster van zes dagen, afhankelijk van het rooster. Ik heb er zelf bewust voor gekozen om me op zondag niet in te laten roosteren. Ik wil ook een rustdag hebben. Zelf werk ik eens in de drie weken zes dagen en heb dan een keer in de zes weken een compensatie dag. Dat zijn per maand twee zaterdagen en dan draai ik marktdienst. Dat betekent het centrum en de markt vegen nadat de kramen zijn opgeruimd.’

MOOIE COMBINATIE

Erwin is al sinds zijn 17e lid van de FNV. ‘Dat zat in m’n opvoeding. Zodra je gaat werken, word je vakbondslid. Sinds 2013 ben ik actief lid, gevraagd door onze oude ambtelijk secretaris die nu met pensioen is. Ik was al wel kaderlid daarvoor, maar niet echt actief. Ik hield alles wel in de gaten en zat ook net in de ondernemingsraad (or) en vond de combinatie or en actief kaderlid een heel mooie combinatie. Je hoort alles van beide kanten, dat is mooi en heel leerzaam. Ik krijg daar vanuit het bedrijf uren voor en dat is heel fijn geregeld. Onze nieuwe directeur is zelfs ook FNV-lid en vind een vakbond heel belangrijk. Ik zat als or-lid, samen met de voorzitter, in de sollicitatiecommissie. Toen ze tijdens de eerste ontmoeting aangaf dat ze lid van de FNV is, kon dat natuurlijk niet meer stuk’, lacht Erwin. ‘Een pluspunt.’

OR EN ACTIEF VAKBONDSLID

‘Ik heb vier uur per week voor m’n or-werk. Dat komt meestal neer op een dag per twee weken. Dat is af en toe passen en meten, omdat ik in de uitvoering werk. Maar ik heb alle vrijheid en kan alles goed plannen. Ik doe ook wel eens wat werk thuis, het is geven en nemen. En gelukkig werkt het bedrijf daar zo goed mogelijk in mee. Met het vakbondswerk is dat ook zo. Als ik het op tijd aangeef, is er geen probleem en plannen ze een ander op mijn dienst in.'

LEERZAAM WERK

‘Ik vind het heel leerzaam. Ik heb bijvoorbeeld geleerd om op een heel andere manier tegen zaken aan te kijken. Ik moet het heel breed bekijken. Niet alleen vanuit vakbondsoogpunt, maar ook vanuit het bedrijf. Dus je begrijpt afwegingen en keuzes beter. Je kunt er op sommige onderwerpen wel met een gestrekt been ingaan, maar als je het even via de andere kant bekijkt, begrijp je waarom bepaalde beslissingen worden genomen.'

'Het is leuk om te netwerken, ik zit ook nog in het branchebestuur namelijk, en te kijken en onderhandelen. Ik ben al wel een paar keer gevraagd of ik niet ook in de sectorraad wil. Maar zolang ik in de or zit, vind ik het wel even goed zo.’

‘Ik spreek veel collega’s in dezelfde functie bij andere bedrijven. En het grappige is dat je overal en bij elk bedrijf tegen dezelfde uitdagingen aanloopt: de uren, gebroken diensten, werktijden, de functiewaarderingssystematiek die achterhaald is. Daarom is het belangrijk dat er een nieuw functiewaarderingssysteem komt, zodat alle functies naar rato worden ingedeeld.’

SPECIALISTENWERK

‘Tja, chauffeur… Vroeger zeiden ze: als je écht niets meer kunt, dan kun je altijd nog achter de vuilniswagen of word je putjesschepper. Die tijd is niet meer. Als je ziet wat wij allemaal moeten kunnen en weten om überhaupt op een vrachtwagen te mogen rijden. Een groot rijbewijs, een chauffeursdiploma, code 95 halen, vakbekwaamheid, aanvullende trainingen voor het kranen, trainingen voor de zijladers. Het is specialistenwerk. Je bent niet alleen chauffeur, je bent ook operator, je bedient een machine. Het lijkt heel makkelijk, maar zodra je er in zit is het echt heel anders.’

‘Bij de vorige cao-onderhandelingen is de vernieuwing van de functiewaardering geploft, dus hebben we nog steeds de oude fuwa. We gaan, in overleg met de werkgeversvereniging WENB, nu kijken naar welke fuwa we het beste over kunnen gaan. De cao loopt tot eind 2020, dus dit najaar gaan we weer aan tafel. De voorbereidingen lopen. Al gooit corona wat roet in het eten, met betrekking tot overleg.’

CORONA

‘In m’n werk als kaderlid ben ik door corona wel wat informatie tekort gekomen. Normaal overleggen we eens per anderhalve maand. Dan zie je elkaar en kun je formeel en informeel bijpraten. Als je elkaar ziet, praat dat toch fijner dan via Teams of Skype. Daar heb je best wat discipline voor nodig en dat heeft niet iedereen. Voor kleine vragen is het best handig, maar met een grotere groep is face-to-face fijner. Als het allemaal doorgaat, zien we elkaar in september weer.'

'Ook in m’n dagelijks werk heb ik veel gemerkt van corona. Zo is de routing op kantoor helemaal anders geworden: door de voordeur naar binnen, door de achterdeur eruit. En strengere regelgeving qua onderhoud, anderhalve meter afstand houden, schoonmaak en hygiëne. Op de veegmachine heb ik al eenzame opsluiting, omdat ik in m'n eentje zit. Maar m’n collega’s op de huisvuilwagen hadden het nog moeilijker. Met drie man is het logistiek een uitdaging om dat op de wagen op te lossen. Met twee man op de auto fietst de derde er achteraan naar de wijk. En soms rijdt een pendelbusje heen en weer om de derde man te brengen. Behoorlijk ingrijpend is dat alle participanten, die een afstand tot de arbeidsmarkt hebben, niet meer komen. Daarvan kunnen ze niet garanderen dat ze veilig kunnen werken.’

BENDE

‘Hoewel je je misschien afvraagt of het nodig was om de straten in coronatijd te vegen, hebben we het ontzettend druk gehad. Je moest eens weten wat voor bende het was. Het groen en zand houd je toch wel. En de markt blijft open. Wij dachten in het begin ook: lekker rustig, op tijd thuis. Maar helaas, het viel ons tegen, haha! En de collega’s van de milieustraat hebben helemaal gekkenhuis gehad. Met digitale borden waarop de wachttijd werd aangegeven en verkeersregelaars. Anders zou het helemaal mislopen vanwege de drukte. En vanwege illegale stort op straat hadden ook wij het heel druk.’

‘Ik zie m’n toekomst rooskleurig in, zeker bij dit bedrijf. Onze nieuwe directeur heeft al een aantal positieve stappen genomen. En ik blijf hier voorlopig nog wel werken. Ik heb dit jaar m’n AMBOR-diploma gehaald, de Algemeen Medewerker Beheer Openbare Ruimte. Ik was een van de oudsten van de klas en er was nogal een generatiekloof. Maar niet leren is achteruitgang, je moet gewoon bijblijven. En die mogelijkheden biedt het bedrijf wel, in uren of in geld. Dat is heel mooi.’

‘VROEGER ZEIDEN ZE: ALS JE ECHT NIETS MEER KUNT, KUN JE ALTIJD NOG ACHTER DE VUILNISWAGEN OF WORD JE PUTJESSCHEPPER. DIE TIJD IS NIET MEER’

Deel deze pagina